Animal-Assisted Interventions (AAI)

Dat dieren in ons dagelijks welbevinden een steeds grotere rol spelen, wordt door de meeste huisdierbezitters beaamd. Dieren bieden een luisterend oor. Ze zijn altijd aanwezig en stellen geen vragen waar je liever (nog) niet op antwoordt. Wanneer ons leven er chaotisch uitziet, geven ze regelmaat. Het dier moet immers op bepaalde momenten eten en naar buiten.

Steeds vaker wordt er ook wetenschappelijk aangetoond dat huisdieren gunstige effecten hebben op het welzijn van mensen. Minder dan tien procent van de menselijke communicatie gebeurt verbaal. We communiceren dus voornamelijk via lichaamstaal. Omdat dieren specialisten zijn op het vlak van non-verbale communicatie, voelen ze onze gemoedstoestand zo goed aan. Dit geeft een gevoel van verbondenheid.

Een belangrijke studie van Baun en collega’s1toont aan dat enkel het aaien van honden al kan leiden tot ontspanning en bloeddruk verlagend werkt. Ook hebben dieren invloed op onze eigenwaarde. Zo is contact met dieren bij patiënten met een chronisch psychiatrisch ziektebeeld bijvoorbeeld geassocieerd met een beter zelfbeeld en een verhoogde draagkracht2. Dieren geven ons steun en bevorderen contacten. Ze leveren namelijk een neutraal, extern onderwerp om over te praten. Pijnlijke gedachten en gevoelens worden vaak onbewust geprojecteerd op een dier en worden zo beschikbaar en bespreekbaar gemaakt3. Ook motiveren dieren ons om actiever te leven en dragen ze zo bij aan onze cardiovasculaire fitheid4.

Vanwege deze (en nog veel meer) gunstige effecten van dieren op ons welzijn, worden ze steeds vaker ingezet in de zorg.Men spreekt dan van Animal-Assisted Interventions, ofterwijl dier ondersteunde interventies. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen Animal-Assisted Activities (AAA) en Animal-Assisted Therapy (AAT).Met Animal-Assisted Activities worden activiteiten bedoeld waarbij dieren worden ingezet om het algemeen welbevinden van mensen te verbeteren. Een voorbeeld hiervan is het bezoeken van bejaarden of zieke mensen die het dier kunnen knuffelen of verzorgen. Een wandeling maken of een spelletje doen met de hond zijn ook AAA. De klemtoon ligt op het amusement, op opvrolijken en afleiden. Er is geen duidelijk therapeutisch doel, maar men probeert de levenskwaliteit van de doelgroep te verbeteren. Bij Animal-Assisted Therapy daarentegen wordt er wel doelgericht gewerkt aan de cognitieve, sociale, emotionele en/of fysieke ontwikkeling van een persoon. De therapie wordt ondersteund door de aanwezigheid van een dier maar er is ook steeds een begeleider die zowel expert is van dieren als professionele kennis heeft op een wetenschappelijk gebied. Voorbeelden van AAT zijn: het stimuleren van een revalidatiepatiënt tijdens bewegingsoefeningen, het vergroten van het zelfvertrouwen van een cliënt of werken aan het verantwoordelijkheidsgevoel van een adolescent.

AAA en AAT vloeien vaak in elkaar over en het onderscheid tussen beiden is dan ook niet altijd even duidelijk. Als psycholoog zijn de diensten die ik aanbied voornamelijk therapeutisch van aard. Ik vind het echter belangrijk dat mens en dier rust bij elkaar vinden en samen plezier maken dus ook amusement en afleiding zijn aanwezig in de sessies.


1Baun MM, Bergstrom N, Langston N, Thoma L. Physiological effects of human/companion animal bonding. Nurs Res 1984; 33: 126-9
2Berget B, Ekeberg O, Braastad BO. Animal-assisted therapy with farm animals for persons with psychiatric disorders: effects on self-efficacy, coping ability and quality of life, a randomized controlled trial. Clin Pract Epidem Ment Health 2008; 4: 1-7.
3Mason, M.S., & Hagan, C.B. (1999). Pet-assisted psychotherapy. Psychological Reports, 84, 1235-1245
4Kushner, R.F., Blatner, D.J., Jewell, D.E., & Rudloff, K. (2006). The PPET Study: people and pets exercising together. Obesity (Silver Spring), 14(10), 1762-1770.


Aanbevolen literatuur

De volgende boeken hebben mij geïntrigeerd.
“Handbook on Animal-Assisted Therapy. Theoretical foundations and guidelines for pratice” van Aubrey H. Fine
“Dit is de hond. Met de nieuwste feiten en inzichten word je een betere vriend van je hond” geschreven door John Bradshaw.
“Emoties bij honden. De basis van de band tussen mens en dier” geschreven door Paul de Vos.
“Slaaf van mijn gedachten. De behandeling van een dwangpatiënte” geschreven door Marte Van Santen.
“Mijn hond, mijn redding. Hoe ik mijn depressie overwon” van Julie Barton.